Het ziekmakende protest van de buik

Notities voor de haptonomie en de bewegingswetenschappen bij ‘Intimiteit’ uit 2018 van Paul Verhaeghe

Leestijd ruim 9 minuten of luister via HaptonomieNet

Met de komst van de netwerksamenleving raakt de huidige stressmaatschappij misschien op een retour. Maar vermindering van de spanning betekent nog niet dat we afgestemd raken tussen verstand en gevoel; laat staan tussen het individu en de ander die spiegelt. Klinisch psycholoog Paul Verhaeghe schrijft in zijn boek ‘Intimiteit’ over wat nodig is voor de beleving van de liefde. Dat gaat niet zomaar omdat hij voor de opbouw van zijn betoog ook langs de ethiek van Markies de Sade moet.

Door Leander Tijdhof

De liefde is voorbij het pingpongen

Wanneer we een goeie verhouding met een ander willen moeten we eerst in het reine komen met onszelf. Deze stelling houdt in dat er een onrein stuk bestaat. Het onreine stuk heeft te maken met opbouw van spanning en ontlading ervan die uit balans zijn. In die situatie schuilt de moeilijke intieme verhouding die we in onszelf beleven en die een voorwaarde is voor intimiteit met de ander.

We kunnen dichterbij of verderaf van onszelf staan. Wanneer iets wordt opgedrongen kunnen we vervreemd raken van onszelf waarmee we afstemming verliezen. Dan staan we verderaf. Vervreemding maakt intimiteit met onszelf en intimiteit met een ander onmogelijk. Ook levert de vervreemding stress op en zorgt ervoor dat de verantwoordelijkheid van gezondheid en ziekte bij het individu ligt in plaats van collectief gedragen wordt.

Intimiteit houdt een overtreffende trap in van het begrip ‘internus’ dat als het ware ‘het meest naar binnen’ betekent. We laten iemand, een ‘internus’, in ons nest (‘interior’) en eventueel in ons (‘intimus’). Intimiteit heeft steeds te maken met het overschrijden van grenzen, ook omdat er overgave voor nodig is. Aantrekken en afstoten sluiten elkaar steeds uit. Liefde ziet Paul Verhaeghe dan ook als iets van voorbij dit pingpong-spel.

Emoties zijn bewuste ervaringen van het lichaam

Het is een samenspel tussen biologische, psychologische en sociale factoren dat bepaalt wie gezond blijft. Een enkele factor daarbij blijkt nooit doorslaggevend. Daaruit volgt dat afstemming van de mens met zijn of haar gevoelens een medebepalende factor voor gezondheid is. Hoe minder contact met eigen emoties; hoe groter de kans op ziekte bestaat. Gevoelens kennen trouwens niet enkel een psychologische basis omdat die door lichamelijke processen worden gevormd.

Emoties zijn de bewuste ervaringen van lichamelijke reacties op wat iets met ons doet of heeft gedaan. Een nieuwe situatie koppelt het lichaam aan een situatie van rust of bedreiging op grond van ervaringen die eerder werden opgedaan. Spontane emotionele ervaringen zijn minder spontaan in tegenstelling tot wat we geneigd zijn om te denken. Onbewuste overtuigingen houden we met onze emoties in het lichaam vast.

Emoties die we als positief beleven bewegen ons in de richting van de ander. Daarentegen zorgen negatieve emoties ervoor dat we juist afstand van de ander houden. De term ‘emotie’ gaat terug op het Latijnse begrip ‘emovere’ waarmee een naar buiten brengen en een in beweging zetten wordt bedoeld. Gevoelens kunnen bewust of niet bewust worden ervaren en in het laatste geval spreken we over affecten. Onderliggende affecten sturen emoties aan maar niet alle affecten sturen bewust beleefde emoties aan.

Van ontlading door kunst knappen we ook op

Als emoties worden uitgesproken wordt spanning ontladen. De ontlading, die catharsis wordt genoemd, is een emotionele zuivering. Bij de Griekse filosoof Aristoteles was catharsis een gevolg van inbeelding zoals via theater. Op die manier knappen we nu nog altijd van kunst op. Met de komst van de psychotherapie is het accent van catharsis nog alleen komen te liggen op het uitspreken van emoties.

Stem denken en voelen af voor intieme kennis

Intieme kennis over onszelf krijgen we door denken en voelen op elkaar af te stemmen. Het ontbreken van die afstemming wordt in seksualiteit uitvergroot. Het gebrek aan afstemming kan zich uiten in relaties die steeds mislukken en seks die zonder intimiteit of genot blijft. En dat terwijl erotiek en liefde belangrijke factoren zijn om tot ontlading en intimiteit te komen.

Intimiteit verloopt moeilijk als we bang zijn. Intimiteit vergt immers nabijheid. Een innerlijke verdeeldheid tussen lichaam en geest wordt in angst manifest. In intimiteit zijn we steeds met de ander en in die relatie kan de verstandhouding met onszelf alle denkbare vormen aannemen. Het is de intimiteit zelf die ertoe bijdraagt dat we ons niet meer verdeeld hoeven voelen.

Verkramping, ontlading, dubbele drang en controle

Een verband tussen emoties en lichamelijke ziekten werd voor het eerst gelegd door Wilhelm Reich, een leerling van Sigmund Freud. Gezondheid hangt in de visie van Reich af van de mogelijkheid om spanning via het orgasme te kunnen ontladen. Een strenge moraal veroorzaakt verkrampingen. Hoewel Wilhelm Reich later paranoïde werd karakteriseert Paul Verhaeghe de diagnostische beschrijvingen uit de vroege jaren van Wilhelm Reich als briljant.

Lust, liefde en verliefdheid zijn niet hetzelfde. De seksuele lust is een motief, de liefde geldt als duurzame toestand en verliefdheid als een waan. Het was wiskundige en filosoof Blaise Pascal die bij de mens een dubbele drang constateerde naar enerzijds opwinding en anderzijds rust. De oplossing voor de dubbele drang zocht Pascal volgens Verhaeghe in de afleiding van de drang. Zo hoeft een mens niet meer over zichzelf na te denken. Voor genot blijkt het noodzakelijk om controle erover uit handen te geven.

Gebrekkige afstemming is een ziektekiem

Behalve aan onszelf spiegelen we ons aan de ander of anderen die Paul Verhaeghe in navolging van filosoof Emmanuel Levinas met de ‘Ander’ aanduidt. Wat anderen aan het ik laten zien kan grote gevolgen hebben voor het besef over het lichaam. De druk die volgt uit het moeten hebben van een ideaal lichaam veroorzaakt in het lichaam veranderingen. Daarvan hoeven we ons niet eens bewust te zijn.

Omdat we ons lichaam dezer dagen in een pasvorm duwen zijn we daarop niet meer afgestemd. Dit leidt tot ontwikkeling van ziekten. Bij een gebrek aan intieme resonantie met ons lichaam wordt intimiteit een lastige zaak. Daarmee wordt seks langzamerhand een soort poppenspel van toeschouwers en beoordelaars tegelijk. We halen seksualiteit en intimiteit uit het kwetsbare proces waartoe die in de oorsprong horen.

De ander bepaalt de kans op ziekte

De impact van anderen bepaalt de kans om ziek te worden of gezond te zijn. Dit leidt tot de stelling dat ziekte en gezondheid niet zozeer met het lichaam te maken hebben maar vooral een psychosociale oorsprong hebben. Een geïndividualiseerde omgeving is dan ook ziekmakend. De term ‘biopsychosociaal’ zouden we als optiek bij de verklaring van klachten veel serieuzer kunnen nemen.

Het verdringen van gevoelens doen we niet zelf maar wordt door de ander aangestuurd. Verhaeghe grijpt bij deze stelling terug op het werk van psychiater John Bowlby. Verdringing en uitsluiting (waarin informatie geheel niet bewust wordt) heeft te maken met communicatie tussen ouders en hun kind. Door gebrekkige hechting die uit verdringing en uitsluiting volgt worden kinderen met een onjuist en laag zelfbeeld volwassen.

Uit hedendaags onderzoek blijkt dat veel patiënten niet in staat zijn tot een verwoording van gevoelens en voelen. Al voor een ziekteproces doet die moeilijkheid zich voor. Patiënten blijken vaak een beperkte toegang te hebben tot de eigen gevoelswereld. Die beperkte toegang heet ‘alexithymie’. Een bewust ervaren van wat er bezig is in het lichaam wijst op sterke afstemming. En die afstemming is een resultaat van spiegelende interacties zoals in opvoeding.

Isolisme van Markies de Sade en pleonexia van Aristoteles

Het is de verplichting tot genot die een bijdrage in onze stress heeft. Waar eerder in de menselijke geschiedenis verboden op genot werden uitgevaardigd heerst er nu een verplichting. De digitaal opererende ander zet mensen in het nieuwe keurslijf van verplichtingen. Er ontstaat ziekmakende dwang. En zo moeten we in deze tijd verblijvend in een ogenschijnlijk perfect lijf een partner zien te vinden met een evenzo ogenschijnlijk perfect lichaam.

Om de hedendaagse situatie te beschrijven raadpleegt Paul Verhaeghe het werk van Markies de Sade. De invloed van de Markies ligt niet zozeer in erotiek maar eerder in ethiek, stelt Verhaeghe vast. De Sade baseert zich in zijn ethiek op de natuur waarbij die ingekleurd wordt als van individualisme, egoïsme en genot. De Markies bedacht er zelfs een nieuw woord voor: isolisme. Leven houdt het maximaliseren van genot in waarin de ander een middel is om dat te bereiken.

Het was Aristoteles die genot als een soort ‘flow’ beschreef en het begrip ‘pleonexia’ introduceerde. Met dit begrip wordt geduid dat mensen geneigd zijn om steeds meer te willen hebben. De Griekse filosoof stelde volgens Verhaeghe al vast dat dit moet leiden tot een onrustige samenleving. Uiteindelijk leidt pleonexia tot conflicten. In deze tijd worden we door een digitale ander opgevoed om in ons eentje steeds meer te willen hebben. Isolisme wordt geboren.

De protestbewegingen van de buik

In onze tijd wordt de onrustige samenleving bovendien gekarakteriseerd door processen van versnelling. Zo dient slaap om onze batterijen op te laden; dus niet om uit te rusten. De stress is een bijdrage tot vervreemding die het best voelbaar in de buik is omdat daar het protest ontstaat nog voordat we ons ervan bewust raken. Langzaam leiden signalen van ongemak en pijn een ziekteproces in. Pijn blijkt een offer om een ideale man of vrouw te zijn.

Minder stress is nog geen afstemming

Alle goede bedoelingen ten spijt stelt Paul Verhaeghe vast dat yoga, meditatie en mindfulness een nieuwe verplichting zijn geworden om maar te kunnen meedoen in de maatschappij. Ze zijn daarmee onderdeel geworden van de vervreemding. Deze zelfzorg als een poging tot stressreductie is geen antwoord meer op het grote gebrek aan afstemming waarmee intimiteit mogelijk wordt.

Een goed leven wordt klaarblijkelijk bepaald door een ogenschijnlijk simpele zelfbeheersing. De basis ervoor ligt in de kindertijd. Om de eerdergenoemde pleonexia in te perken mag een kind in een veilige omgeving leren om het eigen probleemoplossende vermogen aan te spreken. Of het leven goed wordt heeft te maken met de omgeving die ons tot leren matigen in staat stelt.

Een nieuwe realiteit ontstaat al

Met de holistische visie van vandaag de dag komt een nieuwe realiteit tot stand. Het is binnenkort gedaan met de traditionele scheiding tussen lichaam en geest na een periode van de stress. Het is overigens in navolging ervan ook gedaan met autoriteit die top-down uitgeoefend wordt. We gaan meer en meer functioneren in netwerken.

De tijd vraagt om autonomie en verbinding. Eerdere maatschappijvormen kenden al accenten op samenzijn of het individu. Met die vormen kunnen we onszelf leren kennen als deel van een groter geheel, een netwerk, om zelfzorg te verbeteren. Een zelfzorg die niet los gezien kan worden van de zorg voor de ander. Als voorbij het spelletje van pingpong ontstaat zo ruimte voor intimiteit.

Literatuur

Paul Verhaeghe, ‘Intimiteit’, De Bezige Bij, Amsterdam, 2018

Annotatie

Drs. Leander P. Tijdhof, ‘Het ziekmakende protest van de buik’, https://haptonomiehaptotherapie.com/2019/01/06/het-ziekmakende-protest-van-de-buik/, Kennisweb haptonomie, Stichting Kenniscentrum Haptonomie Hapsis Utrecht (6 januari 2019)