Mijn moeder dood, ik doodop. Waarom voelt rouw soms als een ongeneeslijke ziekte?

Lisanne van Sadelhoff, ‘Mijn moeder dood, ik doodop. Waarom voelt rouw soms als een ongeneeslijke ziekte?’, https://decorrespondent.nl/10970/mijn-moeder-dood-ik-doodop-waarom-voelt-rouw-soms-als-een-ongeneeslijke-ziekte/4065252112680-b73b3e72, De Correspondent (21 februari 2020)

Zelf spreek ik over de kaasschaaftheorie: het was alsof rouw de opperhuid van mijn lijf had getrokken. Alles kwam harder binnen. Geluiden (optrekkende auto’s, neerkletterend bestek, de wind), maar ook opmerkingen van andere mensen, evenals andermans geluk. (…) Doordat ik rouwde, had ik geen harnas meer. Ik was niet alleen verdrietig, ik miste niet alleen een moeder, maar ik voelde ook dat rouw me fysiek veranderde. Ik kampte met paniekaanvallen op stations, in winkelstraten, op feestjes. Ik kreeg concentratieproblemen, leed aan slapeloosheid en woede-uitbarstingen. (…) Mensen zeiden altijd tegen mij: de tijd heelt alle wonden. Maar in de wetenschap wordt rouw al lang niet meer gezien als een proces van opeenvolgende fases – al denken we nog steeds massaal dat het een stappenplan is dat we moeten doorlopen. En dat je er op een gegeven moment ‘klaar’ mee bent. (…) Niet dus.