Waarom bewustzijnsontwikkeling onontkoombaar is

Notities voor de bewegingswetenschappen naar aanleiding van ‘Homo universalis – Moreel kompas voor een nieuwe Europese renaissance’ door Klaas van Egmond

Leestijd ruim 4 minuten

Door recente crises zijn we terechtgekomen in zwaar weer. We kunnen ons uitgenodigd weten om tussen crises een samenhang te ontdekken. Om die samenhang te kunnen zien is uitzoomen bij de diverse crises noodzakelijk. Die activiteit staat haaks op wat we na de periode van Renaissance zijn gaan doen. Wetenschap wordt sinds die periode tot nu toe reductionistisch beoefend. In dit reductionisme komen we meer te weten van minder. Maar als we het gedachtegoed zien van de Renaissance krijgen we oog voor de samenhang tussen alle delen. Door die samenhang blijkt de ‘homo universalis’ geboren.

Door Leander Tijdhof

Homo universalis is voorbij fysieke gesteldheid

In de periode van de Renaissance lopen magie en ‘zuivere’ wetenschap door elkaar. De menselijke natuur wordt daarin niet alleen bepaald door de fysieke gesteldheid maar ook door wetenschappelijke, spirituele, filosofische en kunstzinnige kwaliteiten. Deze visie op de menselijke natuur uit zich onder andere in het werk van kunstenaar en wetenschapper Leonardo da Vinci. Maar ook de uiterst belangwekkende John Dee, de voorloper van James Bond in onze tijd, laat auteur Klaas van Egmond niet ongenoemd.

Het is de Vitruvius-mens van Leonardo da Vinci dat de kern weergeeft van de manier van denken en voelen in de periode van de Renaissance. We zien de Vitruvius-mens dan ook scherp terug in de werken van William Shakespeare. Het universele mensbeeld uit die tijd sluit aan bij ons vermogen tot het uitoefenen van burgerschap in de polis zoals door de Griekse filosoof Aristoteles werd bedoeld. Met het burgerschap in de polis is de mens onderdeel van het geheel. De waarden die daarmee gepaard gaan spreken het verstand en het gevoel aan. Het zijn waarden die in de loop van de tijd kunnen veranderen.

Menselijk lichaam is analoog aan de wereld

Da Vinci brengt met zijn Vitruvius-mens een micro-kosmos in beeld die onderdeel is van de macro-kosmos. In die figuur maakt de mens deel uit van beide systemen. De mens is daarin een kleine wereld waarbij het lichaam van de mens analoog is aan de wereld. De menselijke maat komt zo in het werk van Leonardo da Vinci sterk tot uitdrukking. De behoefte aan menselijke maat van vandaag de dag lijkt gelijk te zijn aan die in de tijd waarin Da Vinci geleefd heeft.

In elke periode die in de geschiedenis te onderscheiden valt wordt heel veel bereikt. Toch wordt de benadering waarmee een periode van andere perioden te onderscheiden is eenzijdig uitgehold. Elke periode blijkt bij die uitholling een contraproductieve karikatuur van zichzelf te ontwikkelen. Dit heeft in elke periode dramatische gevolgen. Het zijn middelpuntvliedende krachten die ervoor zorgen dat die gevolgen kunnen ontstaan. De middelpuntvliedende krachten worden veroorzaakt door onzekerheid over wie wij mensen denken te zijn. Daarmee vliegt een dominerend waardepatroon na een periode van balans uit de bocht.

De mens is middelpuntvliedend en -zoekend

Het moreel-ethische kader van de mens wordt gekenmerkt door krachten die middelpuntvliedend en middelpuntzoekend zijn. De laatste kracht wordt al geroemd sinds de middeleeuwen. In een iets latere periode gelden de werken van Shakespeare als middelpuntzoekend. In diverse drama’s gaat een hoofdfiguur ten onder aan middelpuntvliedende krachten. Middelpuntzoekend wordt in ‘The Tempest’ een proces vertoond van verzoening zoals die later terug te vinden is in andere werken zoals ‘In de ban van de ring’ van Tolkien.

Middelpuntzoekendheid luidt bewustzijnsontwikkeling in

Als middelpuntzoekende krachten in een beschaving sterker zijn dan middelpuntvliedende krachten kan een dynamisch evenwicht, een balans, worden bewaard. Het evenwicht heeft te maken met publieke, private, materiële en immateriële kwaliteiten, analyseert Klaas van Egmond. De beweging naar het midden van de mens houdt daarbij een bewustzijnsontwikkeling in. In dat midden bevindt zich de waarde van duurzaamheid.

Door middelpuntvliedende krachten is onze huidige samenleving doorgeschoten in het singuliere karakter ervan. Het karakter wordt gedomineerd door individualisme en de context-gebondenheid van waarden. Universele waarden doen er niet meer toe. Daarom nemen instituties als kerk, staat en wetenschap in betekenis af. Universele theorieën worden gewantrouwd. Het singuliere karakter van de samenleving wordt ondersteund door een individualistische onderstroom. Dit blijkt wel uit het verschijnsel ‘selfie’ in de sociale media.

Huidig moreel kader is middelpuntvliedend

De moraliteit in de huidige maatschappij kenmerkt zich door ‘utilateralisme’. Zo worden er, ook in de overheid, veel kosten-baten-analyses gemaakt die bepalen of een project doorgaat of niet. Wanneer baten hoger zijn dan kosten geldt een project als ‘goed’. Dit morele kader is vergankelijk en middelpuntvliedend. In het universele mensbeeld valt menselijke natuur geheel met het mensbeeld samen. Daarbij gaat het in tegenstelling tot utilateralisme erom dat het wezenlijke van de dingen benoemd blijft worden. Daardoor schuiven gebruiken die eerst eenzijdig in het universele mensbeeld staan steeds meer naar het midden op.

Klaas van Egmond geeft, zonder de hoofdlijnen in zijn betoog te verliezen, veel voorbeelden waaruit blijkt dat met tijdgebonden wereldbeelden uitzoomen naar het universele mensbeeld een belangrijke activiteit is om balans te bewaren. Zo wordt de parapsychologie al een eeuw niet meer serieus genomen waarmee we waarnemingen van buiten de vijf zintuigen negeren. Maar ook, zo betoogt Van Egmond sterk en uitgebreid, verdient het economisch-financiële systeem een andere plek in het mensbeeld dan nu. Wanneer de mens zich bovendien ervaart als een totaliteit, zoals in het algemene mensbeeld gegeven is, werkt dit gezondheidsbevorderend.

Literatuur

Klaas van Egmond, ‘Homo universalis’, De Geus, Amsterdam, 2019