Notities naar aanleiding van ‘De coronastorm’ van René ten Bos

Het coronavirus:

  • kent als virus geen stofwisseling waarmee het discutabel is of het virus leeft of niet
  • lijkt een parasiet maar is het niet: het staat als het ware naast je (‘para’) maar eet geen graan of brood mee (‘sitos’)
  • hecht zich met spijkereiwitten aan het enzym furine dat belangrijk is voor immuniteit
  • is strikt genomen niet dodelijk en vermoed wordt dat mensen overlijden aan een overreactie van het afweersysteem
  • kan bij infectie bijdragen tot angst voor het eigen huis of gemeenschap (oikofobie) ter vervanging van de liefde voor het huis of gemeenschap (oikofilie)
  • appelleert aan de rede als een versluierings-strategie (‘Vernunft’) omdat de mens zijn angst ontkent waardoor er geen snelle beslissingen kunnen volgen
  • zit tussen een bekende en een vreemdeling in, een ‘xenos’, een begrip dat staat voor het ‘vreemde’ en een ‘gast’ of ‘vriend’
  • maakt als zoönose duidelijk dat het lichaam niet ondoordringbaar is, dat de mens niet boven andere soorten staat, lineaire modellen niet zo goed werken als we dachten en gedragsverandering vereist is
  • beëindigt het idee dat het leven onder te verdelen is in afzonderlijke zijnden die voorspelbaar zijn waarmee de huidige ontologie ernstig tekortschiet

De coronacrisis:

  • kent als uitdaging hoe vanuit eigen scepsis over het eigen gelijk over de crisis nagedacht kan worden
  • brengt ons in een wereld van onaanraakbaarheid terwijl het meest innerlijke, de ‘intimus’ (van het begrip intimiteit) van de mens zich wil openen naar een ander
  • brengt ons in een wereld van onaanraakbaarheid terwijl hoe meer we op onszelf worden teruggeworpen hoe sterker de wens wordt om van buiten te laten binnendringen
  • zorgt met de anderhalve meter samenleving voor angst dat de ander er niet bij kan zijn als het ik zichzelf verliest
  • heeft schaarste in de zorg aan het licht gebracht die ontstaan is vanuit de gedachte dat de kosten ervan altijd omlaag moeten
  • disciplineert mensen door macht uit naam van verantwoordelijkheid
  • zorgt voor een afscheid van de ethische ervaring met de ander die tot verantwoordelijkheid roept
  • kan een gewelddadige uitwerking hebben daar wreedheid opgeroepen kan worden omdat niet geleerd wordt de ander gade te slaan
  • leidt tot oorlogsretoriek alsof we in oorlog met een virus zouden zijn die vergelijkbaar is met de eerdere oorlog tegen islamitische staat
  • zorgt voor een nieuwe wegwerpmentaliteit omdat we nu alles weggooien waarmee we ons bekommeren terwijl we eerder dingen weggooiden waarom we ons niet bekommerden
  • kan voor velen een bevestiging zijn van wat ze allang hebben gedacht waarmee de noviteit van deze crisis over het hoofd wordt gezien.
  • lijkt zelf niet de echte ramp want de echte ramp wordt mogelijk gevormd door onze reactie erop
  • zorgt voor de overtuiging dat het altijd oorlog is zolang een vermeende vijand onder ons is
  • leidt tot angst en daarmee fascisme als een toevluchtsoord voor mensen die denken dat het niet anders kan
  • brengt ons in een wereld waarbij techniek het mogelijk maakt om hedendaagse varianten (zoals een meldings-app) te ontwikkelen die vergelijkbaar zijn met de middeleeuwse lepraratel
René ten Bos, ‘De coronastorm – Hoe een virus ons verstand wegvaagde’, Boom uitgevers Amsterdam, 2020

De wetenschap:

  • kent een strakke organisatorische vorm waarbij van simpel naar complex geredeneerd wordt met als doel de onderwerping van de natuur
  • verdoezelt het eigen niet-weten door een zeer strakke focus op de methode (‘meta hedos’ betekent ‘volgens de weg’)
  • kent geen onbetwijfelbare kennis waarmee het opmerkelijk is dat er vanuit de politiek zoveel naar geluisterd wordt
  • heeft geen pluralistische methodiek die eigenlijk omarmd zou moeten worden
  • heeft ten aanzien van epidemiologie een waarschuwingsfunctie (‘epidemios’ betekent ‘wat over het volk hangt’)
  • zou er, middels epidemiologen, voor moeten zorgen dat politici bekend zijn met multicausaliteit: we zijn niet in strijd tegen het virus maar leven en gaan dood met het coronavirus
  • doet fanatieke pogingen om het begrip gezondheid te ontrafelen waardoor we uit het lood raken als een nieuwe ziekte zich aandient
  • stelt vast dat intimiteit bij een mens steevast vraagt om een onthulling ervan
  • maakt gebruik van tellingen van besmettingen en doden terwijl die niet kunnen kloppen omdat daarmee de werkelijkheid op afstand gehouden wordt
  • lijkt voorbij te gaan aan het fundament van de ethiek, namelijk de ontmoeting met de ander, en met (mede) de ontwikkeling van regels waaruit enkel moraliteit volgt
  • heeft in de victimologie vastgesteld dat corona niet tot slachtoffers kan leiden omdat er in die wetenschappelijke discipline vanuit wordt gegaan dat overleden patiënten geen slachtoffer kunnen zijn
  • presenteert zich door de werking van de (sociale) media aan het publiek als een mening in plaats van als kennis

De ziekte:

  • lijkt een ecologische grondslag te hebben waarmee preventief handelen wijsheid geworden is
  • heeft de oorsprong in het milieu (de M van RIVM) terwijl het volksgezondheid raakt (de V van RIVM) en dus zijn milieu en volksgezondheid met elkaar verstrengeld
  • leidt door door een strikte focus erop tot een beperkt beeld op gezondheid waarbij sociale en mentale aspecten ten behoeve van het fysieke aspect worden genegeerd
  • heeft blijkbaar tot gevolg dat mensen opgesloten en uitgesloten worden onder andere vergelijkbaar met de vroegere pestepidemie
  • heeft tot gevolg dat wij ons testbaar willen maken (het Latijnse ‘testa’ betekent trouwens urn of pot en het Franse ‘tête’ slaat op hoofd; ons hoofd is dus een soort pot waaruit een waarheid zou moeten komen)

Bijdrage van

Leander Tijdhof

Met dank aan

Wim Laumans